Dat Warre Borgmans een veelzijdig acteur was wist ik al langer dan vandaag. De rollen die hij doorheen de jaren vertolkte leken hem keer op keer op het lijf geschreven, hoe verschillend ze ook waren. De bewondering die ik voor hem had is enkel nog meer gestegen sinds ik gisterenavond Het Lortcher syndroom was gaan bekijken. Borgmans schittert als een beroemd componist die in angst leeft om ooit “de ziekte” te krijgen, die zijn familie keer op keer heeft getroffen. Deze “ziekte”, die nooit bij naam wordt genoemd, maar al erg gauw duidelijk wordt tijdens de vertolkingen, is de ziekte van Alzheimer.

Het verhaal start in het heden, waar Marcel (Dimitri Leue) zijn vader Peer (Warre Borgmans) tevergeefs op de piano probeert te laten spelen. Marcel hoopt door middel van muziek Peer zijn geheugen terug te doen krijgen. Peer heeft hier echter geen interesse voor en mijmert over vervlogen tijden en herinneringen die hij al dan niet zelf heeft meegemaakt. Het stuk neemt ons telkens mee naar een moment in het verleden, waarin Peer nog goed was. Borgmans vertolkt zijn rol zo goed, dat het op slag duidelijk was wanneer hij de jonge, gezonde Peer speelde en wanneer hij terug de oude, vermoeide vader was die dacht dat zijn eigen zoon zijn broer was.

Door de stukken uit het verleden te laten zien, werden alle verhalen die de verwarde Peer in het begin aan elkaar probeert te rafelen, duidelijk. We ontdekken waar hij de elementen haalt om zijn fantasieën uit op te bouwen en we krijgen een beeld van de familiesituatie. Elk stuk is zo goed uitgedacht, zodat er telkens een verband kan gevonden worden tussen de kleinste uitspraken en de grootste gebeurtenissen in hun levens.

Borgmans doet keer op keer ontroeren. De heldere momenten die Peer heeft, zijn het ergst. Het hele stuk wordt bijna constant begeleid door piano, waardoor het nog mooier en aangrijpender werd. Als het pianostuk op het einde nog 1 minuut langer had geduurd, had ik mijn tranen niet meer kunnen bedwingen vrees ik.

Uiteraard ook een enorm applaus voor Dimitri Leue. Hij werd belast met verschillende rollen die hij erg natuurlijk en overtuigend wist neer te zetten. Ook bij hem werd het vrij snel duidelijk dat hij niet altijd Marcel speelde, maar in het verleden ook in de huid kroop van Selle (de broer van Peer) en nonkel Tuur. Het Lortcher Syndroom is een emotioneel stuk, maar waar voldoende ruimte was om meer dan eens hartelijk te lachen. Dit was een avond om nooit meer te vergeten…hopelijk.