Een recensie schrijven over een van de bekendste thrillers uit de jaren zeventig, waaruit later een van de populairste horrorfilms is verschenen, is uiteraard niet erg vernieuwend. Aangezien Stephen King echter besloot om er nu, meer dan dertig jaar na het verschijnen van The Shining, een vervolg aan te breien, leek het me toch leuk om nog eens stil te staan bij deze huiveringwekkende thriller.

Noem Stephen King de koning van de pulp, noem hem een man wiens boeken nooit een elitaire of intellectuele doelgroep zullen bereiken. Noem hem een fantast en een verzinner van onrealistische science fiction, een commerciële griezelverteller. Noem de man wat je wilt, maar dit sluit niet uit dat hij je van het eerste woord meezuigt in elk verhaal dat er uit zijn pen vloeit. Als Alice die door het konijnenhol valt, kom je in een wereld terecht van wanorde, angst, fictie en avontuur. En je geraakt er pas weer uit als je het boek tot de laatste letter hebt uitgelezen. Je begint nog maar net te lezen, er gebeurt nog niets relevant of ook maar interessant, en voordat je het weet verdwijnt de wereld al rond je en ga je helemaal op in het verhaal. Dit punt bereikte ik al helemaal in het begin, wanneer de hoteleigenaar aan Jack uitlegt hoe de boiler werkt. Daar gaat het misschien wel drie bladzijden over en ik volg geboeid zijn uitleg mee. Achteraf besef ik pas: Zit ik nu al in het verhaal? Damn you Stephen King, you are good!

Jack Torrance besloot een job als conciërge aan te nemen in het prestigieuze Overlook Hotel. Hij trekt in het hotel wanneer het seizoen voorbij is en verblijft er de hele winter, samen met zijn vrouw Wendy en zoontje Danny. Jack heeft een alcohol verleden, Wendy een slechte relatie met haar moeder en Danny heeft “het licht”. Danny’s speciale gave doet hem op voorhand aanvoelen wanneer er iets gaat gebeuren en hij kan ook de gedachten van mensen lezen. Samen belanden ze in een hotel met een duister, crimineel verleden , dat in de winter door de sneeuw helemaal is afgezonderd van de buitenwereld. Hoewel ze er enkel met hun gedrieën wonen, wordt het hotel met zijn vergane gasten, een vierde bewoner. En deze is niet zo gezind op bezoekers. Zeker niet diegene met het “licht”. King houdt je adem vast en laat deze  weer los wanneer hij er zin in heeft. Hij geeft je een sprankeltje hoop om die dan even snel de grond weer in te boren. Hij wikt en weegt zijn verhaal af tot het op een punt komt waarin je denkt: Dit is het. De top van de ijsberg is bereikt en vanaf nu kunnen we alleen nog maar naar beneden glijden, in de gapende mond van een ijskoude zee.

hardcover_prop_embed

Dit boek is ongetwijfeld een klassieker en ik kan niet wachten om aan het vervolg te beginnen…Dr. Sleep.